Scriptactiveringen voor lay-out

Scriptactiveringen voor lay-out worden geactiveerd wanneer een gebruiker een specifieke lay-out invoert. Raadpleeg Scriptactiveringen voor lay-outs instellen.

BijLadenRecord

Voert een script uit wanneer een record wordt geactiveerd of geopend, zoals wanneer een gebruiker of script overschakelt naar een lay-out, naar een andere record gaat, een nieuw venster opent, een record maakt of verwijdert, of een zoekopdracht uitvoert.

BijVastleggenRecord

Voert een script uit voordat een gewijzigde record wordt vastgelegd.

BijVorigeVersieRecord

Voert een script uit voordat een reeks records wordt hersteld door de menuopdracht Records > Vorige versie record of door de Vorige versie record/verzoek scriptstap.

BijToetsaanslagLay-out

Voert een script uit wanneer een of meer tekens worden ingevoerd via het toetsenbord, hetzij direct, hetzij via een input method editor (IME). Gebruik de Get (ToetsaanslagActivering) om de tekens die de scriptactivering in werking hebben gezet als resultaat te geven.

BijToegangLay-out

Voert een script uit nadat een lay-out is geladen.

BijVerlatenLay-out

Voert een script uit voordat een lay-out wordt gesloten.

BijWijzigenLay-outGrootte

Hiermee wordt een script uitgevoerd nadat een layout of venster de grootte heeft gewijzigd.

BijToegangModus

Voert een script uit wanneer u handmatig of via een scriptstap naar een andere modus overschakelt.

BijVerlatenModus

Voert een script uit voordat een gebruiker probeert de huidige modus in een lay-out te verlaten.

BijWisselenWeergave

Voert een script uit wanneer u handmatig of via een scriptstap naar een andere weergave (formulier-, lijst- of tabelweergave) overschakelt.

BijBewegingTikken

Voert een script uit wanneer een tikbeweging wordt gedetecteerd in een lay-out (alleen in Windows, iOS en iPadOS).

BijExterneOpdrachtOntvangen

Voert een script uit wanneer de gebruiker drukt op één van de volgende knoppen op het toegangsscherm of op een extern apparaat: stoppen, afspelen, pauzeren, schakelen tussen afspelen/pauzeren, volgende afspelen, vorige afspelen, vooruitspoelen of terugspoelen.